Assessment-gesprek; waar loopt het op stuk?
Als het niet goed gaat in een assessment-gesprek (bv. rollenspel), kun je er donder op zeggen dat onderstaande aan de hand is. En omdat het een hardnekkig probleem is, heb ik er een serie aan gewijd:
Dis is het eerste deel: Waar ieder assessment-gesprek op stukloopt:
Waar ieder assessment-gesprek op stukloopt:
Wij zijn allemaal groot geworden met een idee van winnen of verliezen. Van strijd. Bij de een is dat idee wat meer aan de oppervlakte, bij de ander minder. De een geniet ervan, de ander vindt het verschrikkelijk. De een is er zich duidelijk bewust van, de ander helemaal niet.
Maar strijd (en daarmee winnen en verliezen) zijn deel van onze wereld, en dus ook van de jouwe.
Dat heeft nogal invloed op hoe we met elkaar omgaan!
Tijdens je assessment, en de gesprekken die je daar voert, kun je dat niet zomaar uitschakelen, zeker niet als je je er minder bewust van bent.
Tijdens rollenspellen is het de bedoeling dat er interactie is tussen jou en de acteur. Dat kan zijn beïnvloeden, luisteren, draagvlak krijgen, een ander ergens van overtuigen, iemand aanspreken op minder gewenst gedrag, een klant binnenhalen of binnen houden, etc. etc.
Allemaal situaties waarin je iets van de ander wilt, en de ander ook vaak van jou. Zodra er verschil is tussen wat je beiden wilt, is onze neiging om (in mindere of in meerdere mate) strijd te voeren heel erg groot!
Wanneer jij dit soort gesprekken met anderen voert, al is het maar in een sociale situatie: waar gaan we naar toe op vakantie, of wie mag het eerst vertellen wat-ie heeft meegemaakt: vraag je dan eens af of je bezig bent om van de ander te winnen. Ben je eigenlijk bezig met een wedstrijdje? Wil je je zin doordrijven? Of ben je er op gericht verlies te voorkomen?
Zodra dit soort drijfveren in een conversatie meespelen sta je echt contact in de weg.
Is dat dan zo belangrijk, ‘echt contact’?
Jep.
En echt niet omdat je allerbeste vrienden moet worden.
Ook niet omdat je het iedereen naar de zin hoeft te maken
Bij écht contact stel je je eigen oordeel over de ander -en wat die zegt- nog even uit, omdat je probeert te begrijpen wat diens beweegredenen zijn!
Dus als jij straks in je rollenspel zit, vraag je je af:
- Waaróm stelt iemand van die onredelijke eisen?
- Waarom lijkt iemand maar niet te motiveren?
- Waarom zegt-ie wat-ie zegt, of doet-ie wat-ie doet?
Is iemand respectloos naar jou? Hoe kun je dat zeggen zonder dat het strijd wordt?
Meestal zijn we dan direct geneigd om terug te slaan:
Onderhuids: met steken onder water, Openlijk: moet je jezelf eens zien! Strategisch: met beslissingen die de ander benadelen. Houding: non verbaal.
De kans dat de ander dan óók nog met jou meedenkt, aan jouw wensen tegemoet komt of begrip heeft voor jouw standpunt is nu wel heel erg klein geworden…
Je betrekt je beiden op je eigen stellingen, vind beiden dat jij gelijk hebt en die ander niet.
Je bent mijlenver van elkaar verwijderd geraakt.
Toch kan het echt anders! Daarvoor is het belangrijk dat je
- gaat herkennen wanneer jij strijd aan het voeren bent,
- de moed opbrengt op de strijd te staken!
Je wint daardoor geweldig aan impact, én je krijgt veel meer gedaan, op betere manieren!
Houd de blog in de gaten voor deel 2 van deze serie over Strijd.
Impact Vergroten - Aflevering 3
Je weet nu dat om je impact vergroten, je het ook moet durven om meer spanning te creëren.
Maar ja: als je meer spanning creëert, zet je ook je overlevingsinstincten aan. En dan ben je juist meestal níet zo impactvol als je zou willen! Hoe los je dat dilemma nou op?
Hoe houd je die spanning uit!?
Net als dieren hebben wij ook een overlevingsinstinct. Heel handig als je leven ook echt in gevaar is. Maar dat instinct staat veel vaker ‘aan’ dan je zou willen.
Instinct is instinct. Je kunt het niet ‘wegmaken’.
Maar gelukkig kun je wel iets anders doen, waardoor je heel bewust aan je impact werkt.
- Zorg dat je weet wat jóuw instinctmatige reactie is. En:
- Je kunt je instinct vervolgens ‘om de tuin leiden’.
Kijk de video om te zien hoe je dat doet!
Vertel me wat jouw instinct-reactie is, en in welke situatie jou dat in de weg zit om impact te kunnen hebben.
Impact vergroten aflevering 2. Uit Italië!
Impact vergroten – deel 2
Deze tweede aflevering van de miniserie waarin ik je wil helpen je impact te vergroten, heb ik opgenomen in Italië. Je ziet een klein beetje van de impact die wij daar willen hebben, en ik word beetje bij beetje een volleerd olijfboomkenner ;-))
Deze aflevering gaat over wat dat eigenlijk is, impact.
Eigenlijk is het natuurlijk een effect dat je hebt op ánderen, meer dan dat het een persoonseigenschap is. En dat is goed nieuws!
Want als impact niet gebonden is aan een persoons-eigenschap, kun je dus gaan zoeken naar de manieren waarop jij impact kunt hebben. Maar dan moet je wel een beetje een idee hebben wat die impact is. In deze video daar wat uitleg over, en alvast een heel kort voorproefje van 3 manieren waarop je je impact kunt vergroten.
Wat is de methode waarvan jij denkt dat die het dichtst bij je staat: waarheid op tafel leggen, het gesprek persoonlijk maken, of een vergezicht schetsen?
En welke moeilijkheden kom je daarbij tegen?
Laat het hieronder weten, ik neem je vragen in de volgende video weer mee!
Leukleuk, zin in!
Impact vergroten - Deel 1
Jij bent niet de enige die nog wel eens gefrustreerd kan raken omdat de impact die je zou willen hebben, lang niet strookt met de realiteit. Dat ís ook mega-frustrerend, maar gelukkig kun je er zelf iets aan doen! Ik help je daarmee in deze mini-serie over impact hebben.
In dit deel eerst maar eens het waaróm.
Want als jij de redenen om impact te willen kunt ontrafelen, heb je de eerste sleutel in handen om je impact te kunnen vergroten!
Waarom wil je impact?
Deel 1 van een miniserie: Waarom?
Bekijk de video hier:
Impact vergroten
Heel veel mensen vragen mij om hulp bij het vergroten van hun impact en invloed.
Dat heb je nodig in sollicitaties en assessments, maar ook daarvoor of daarna wil je nadenken over hoe groot je impact is.
En of je daar vervolgens tevreden mee bent.
Ik haat het als ik ergens vandaan loop en niet echt gezegd heb wat ik wilde. Als ik me heb laten tegenhouden door redenen die eerder excuses zijn dan iets anders. Dat gebeurt mij ook: zeker wel!
En ik haat het net zo zeer als ik m’n grote mond weer eens niet heb kunnen houden en daarmee meer schade heb gedaan dan goed.
Soms is je impact kleiner dan bij je past, soms is-ie groter. Altijd van de situatie afhankelijk.
En, wanneer je er niet tevreden over bent, welke tools staan dan tot je beschikking hebt om daar iets aan te doen?
Ik geloof er 100% in dat als je impact overeen komt met waar jij voor staat, dat er dan meer dialoog mogelijk is, dat je tot betere oplossingen komt, tot betere gesprekken, tot betere relaties.
Om te beginnen hier een bijdrage aan te leveren, heb ik een miniserie opgenomen over “impact hebben”.
Je kunt hier de aankondiging bekijken:
Voorbereiden op assessments: Die verschrikkelijke Stiltes!!
… en 3 manieren om ze in je voordeel te gebruiken!
Het sollicitatiegesprek en het rollenspel-gesprek tijdens je assessment zijn stressvolle gesprekken op weg naar jouw managementtraineeship.
Veel van mijn klanten maken zich in die gesprekken over één ding enorme zorgen:
Tjiep-tjiep...
Stiltes in een gesprek kunnen je enorm onzeker maken.
“Heb ik iets verkeerds gezegd?”
“Ben ik te expliciet geweest, of juist niet duidelijk genoeg?”
“Heb ik wel (het juiste) antwoord gegeven op de vraag?”
“Wat vindt hij (of zij) van mij?”
Er zijn een 3 dingen die je misschien niet weet over stiltes:
1 Stiltes geven denktijd
Als je bang bent voor stiltes, heb je de neiging de stilte op te vullen.
n i e t d o e n !
Stilte betekent dat je gesprekspartner ‘aan het werk’ is. Hij denkt na! En jij wilt weten wat hij denkt, dus val zijn stilte niet binnen met praten!
2 Stiltes bekrachtigen de relatie..
Maak van een ‘vraag-en-antwoord-spel’ een écht gesprek waarin twee mensen (of meer) elkaar leren kennen.
Als jouw gesprekspartner stil valt, kun je rustig zeggen wat je opmerkt.
Je doet dan 2 dingen: Je bemoedigt de ander om verder te denken (waardoor jij meer informatie krijgt). Én hij voelt zich door jou gezien, waarmee je de relatie bekrachtigt
3 Stiltes helpen je te ontspannen.
Stiltes vertragen het tempo van het gesprek.
Zowel jij als je gesprekspartner kunnen dan ontspannen! Je bent je zenuwen beter de baas, zult minder geneigd zijn om te ‘ratelen’ en je zult elkaar begrijpen, wat uiteindelijk je doel is!
Wees dus niet bang voor stiltes, maar doe er je voordeel mee!
Onderzoek jij wel genoeg?
Competenties worden in een rollenspel gemeten door jou een bottleneck voor te leggen, die jij moet oplossen. Vandaag laat ik je zien welke gesprekstechniek je t beste toepast vóórdat je aan die oplossing toekomt (en waardoor die oplossing vele malen beter wordt!):
Competenties Analyseren, Beïnvloeden en Sensitiviteit
Kunnen (en dúrven) onderzoeken is een vaardigheid die je voor al deze competenties nodig hebt.
Soms zijn we te betweterig, soms te onzeker, en soms zelfs te empathisch om goed te onderzoeken!
Je kunt pas onderzoekend zijn als je jezelf toestaat dingen niet te weten. In een assessment is dat behoorlijk moeilijk: je hebt immers voortdurend het gevoel dat je ‘goed moet presteren’. De kans dat je dan niet wilt ‘afgaan’, door ‘domme vragen te stellen’ is dan behoorlijk groot aanwezig.
Je zult uit moeten gaan van wat je niet weet. En dat is méér dan je denkt! Namelijk alles wat je je wel kunt voorstellen, zijn óók zaken die je niet weet…
Je iets kunnen voorstellen zegt misschien iets over:
- je empathische vermogen
- je inlevingsvermogen
- je creativiteit of fantasie.
Maar het zegt niets over je analysevaardigheden, of beïnvloedend vermogen.
Sterker nog: eerder genoemde kwaliteiten kunnen je analysevaardigheden wel eens in de weg staan!
En ja: ook je empathie wordt sterker naarmate je meer durft te onderzoeken.
Voorbeeld:
Als de gesprekspartner zegt:
Ik ben helemaal niet tevreden met …
Wat is een niet-onderzoekende reactie?
- Ja, dat vind ik heel vervelend om te horen, dat heb ik nog niet eerder gehoord. Of: u zult merken dat het mee zal vallen… (= ander in diskrediet brengen)
- Nee, dat begrijp ik. Ik wil het graag voor u in orde maken. (= goede wil er duimendik bovenop, je verliest autoriteit en autonomie. Beetje slijmerig)
- Nee dat begrijp ik, wat zou u er van vinden als wij… (= direct naar de oplossing, misschien ook heel creatief, maar je weet niet of het aansluit bij wat de ander wil)
Dus waar je denkt dat je begrip toont en je inleeft in de ander, schiet je juist vaak tekort als je niet éérst hebt onderzocht wát de ander dan zo ontevreden maakt!
Hoe reageert een onderzoekende geest?
Die vraagt door:
- wat vond u vooral heel vervelend,
- welke gevolgen had het voor u,
- waar had u eigenlijk op gerekend,
- wat waren uw verwachtingen vooraf,
- welke van uw verwachtingen zijn daardoor niet uitgekomen,
- waar heeft u nu behoefte aan, etc. etc.
Oja, en laat je niet afschepen als het eerste antwoord niet direct een stortvloed aan informatie is. Acteurs zijn getraind om heel gedoseerd hun informatie te geven. Dus: bij iedere doorvraag wéér een beetje.
Je kunt je voorstellen dat je uit deze vragen (en doorvragen) nog een schat aan informatie kunt krijgen! Dan kun je daarna altijd nog naar de oplossing gaan. Waarschijnlijk vind je veel eerder de juiste oplossing omdat je net hebt gehoord wat de ander vooral belangrijk vindt!
Succes, en heb een leuk gesprek!
Resultaatgericht, pas op!
Ik kom het vaak tegen de laatste tijd: hoe een prachtige kwaliteit als de competentie: resultaatgerichtheid je verschrikkelijk in de weg kan zitten.
Dat hoeft niet persé zo te zijn.
Als je deze 3 gevolgen goed beseft, en je past op ieder gevolg de hier genoemde remedies toe, kun jij met kop en schouders boven anderen uitsteken:
Competentie: Resultaatgericht
Dit zijn de 3 valkuilen die ik vaak tegenkom als mensen zo resultaatgericht zijn, zo hard op hun doel afgaan, dat het juist ten koste gaat van het uiteindelijke resultaat.
- Je boet in op de relatie
- Je boet in op je beïnvloedend vermogen
- Je boet in op flexibiliteit
Herken je dit al?
Laat me deze 3 punten nog wat verder uitwerken:
Ten eerste hebben heel resultaatgerichte mensen vaak het uiteindelijke resultaat al voor ogen. Dat betekent dat de samenwerking het lekkerste loopt als de ander er helemaal hetzelfde over denkt. Is dat niet het geval dan wordt de ander vaak als storend ervaren.
Dit zijn dingen die je kunnen storen in een ander:
- Te veel ideeën en geen knopen doorhakken
- Te traag, onzorgvuldig, of weinig focus in het werken
- Te besluiteloos, of aarzelend
Herken je er iets van? Irriteert jou dit ook?
Twee: zodra je geïrriteerd raakt gaan veel resultaatgerichte mensen ‘drammen’. “Ja maar,…” “Laten we nou opschieten”, “Daar hébben we het al over gehad” zijn dingen die je jezelf dan kunt horen zeggen. In plaats van beïnvloeden ben je aan het ‘zeuren’.
Drie: doordat je de ander nu alsmaar minder ‘mee krijgt’, en je resultaat alsmaar meer in gevaar komt, wordt je minder flexibel. Je kunt niet goed meer luisteren, raakt meer gespannen, en hoort en ziet minder wat er nog aan mogelijkheden wordt geopperd.
Zo kan je eigen resultaatgerichtheid je dus juist vérder van je resultaten brengen!
Wat je er aan kunt doen is dit:
Blijf nieuwsgierig! Zeker als je gezamenlijk tot resultaten moet komen. Doe weerstand niet af als lastig, maar gebruik het als informatiebron. Waarom, hoe komt dat, wat heb je voor ogen, zijn allemaal dóórvragen die je verder kunnen helpen.
Heb geduld. Laat af en toe maar eens stiltes vallen. Daarmee geef je de ander (én jezelf) gelegenheid om na te denken. Al duurt de stilte je nog zo lang, na een seconde of 8 beginnen de meeste mensen wel hun gedachten te delen.
Oefen jezelf in bescheidenheid. Houd een bredere blik, zoom uit om een gezamenlijk doel vast te stellen, en weet dat jouw ideeën, jouw manier van werken niet de enige manier is om resultaat te behalen…😉
Succes!
Beïnvloeden en overtuigen, hoe doe je dat?
In heel veel verschillende situaties zou je willen dat je een ander kon beïnvloeden en overtuigen. In veel sollicitatieprocedures wordt het als competentie ook gevraagd. Toch hebben de meeste mensen een verkeerd beeld van hoe je kunt overtuigen:
Gesprekstechniek beïnvloeden en overtuigen
Ik noem ze hier gezamenlijk, eigenlijk vind ik het namelijk hetzelfde. Waar overtuigen misschien als doel heeft iemand volledig van standpunt te doen veranderen, zou je bij beïnvloeden nog kunnen denken aan een bepaalde gradatie.
Maar in principe is voor beiden hetzelfde nodig: je wil dat je gesprekspartner een andere zienswijze in ieder geval in overweging neemt. Of anders gezegd: je wil je gesprekspartner helpen om een bepaald onderwerp ook op een andere manier te zien (en daarná wellicht overtuigd raken)
In onderstaande video vertel ik je hoe je dat kunt bereiken:

Wanneer het niet lukt
Het gebeurt vaker niet dan wel, dat we een ander weten te overtuigen. Analyseer zelf maar eens, welke ‘technieken’ je dan hebt toegepast.
Het is natuurlijk verleidelijk om iets van de ander te vinden. Wanneer we niet in staat blijken de ander te overtuigen zijn dit een aantal kwalificaties die we dan maar al te vaak aan de ander geven:
Hij of zij…
- ‘is dom.’
- ‘begrijpt niet hoe het zit.’
- ‘luistert nergens naar.’
- ‘is niet voor rede vatbaar.’
- …
Dat is frustrerend. Voor jou. En ook voor die ander! Daarmee is de verwijdering natuurlijk compleet, je hebt misschien het gevoel dat je verhaal niet echt is overgekomen, dat je je tijd hebt verspild, en de kans dat je de ander kunt overtuigen is verkeken.
Hopelijk kun je met de informatie uit deze video op een andere manier gaan kijken. Durf je meer naar bezwaren van de ander te luisteren, en ze uit te diepen? Durf je je eigen doelen even op een zijspoor te zetten, en durf je er op te vertrouwen dat je wat later heus wel weer op dat zijspoor uit kunt komen? Ben je in staat die ander ook belangrijk te maken? Want iedereen wil er immers ‘toe doen’!
Ga er mee aan de slag, begin het te gebruiken in situaties waar niet al te veel van afhangt en laat me weten hoe het oefenen je vergaat! (Hoe meer ik weet welke moeilijkheden je tegenkomt, hoe beter ik je kan helpen! Ik kan je altijd persoonlijke tips geven.)
Fouten maken, een knagend gevoel
Fouten maken
Ik ben de laatste tijd nogal bezig met fouten maken. Ik maak er veel, en ik denk er veel over.
Fouten maken mag.
Fouten maken moet!
Fouten maken moed…?
Ik maakte een fout en het bleek een blessing in disguise.
Maar als de fout een ‘disguise’ moet zijn, klopt het dan wel dat ‘fouten maken mag’? Of mag het eigenlijk toch niet? Alleen deze paar regels staan al meteen bol van de tegenstrijdigheden. En als je ze in deze regels niet ziet, dan zitten ze wel in je hoofd of in je hart. Of in de knoop in je maag.
Want de meesten van ons vinden fouten maken he-le-maal niet leuk. Wie doet het voor z’n lol, fouten maken? Wie heeft daar nou echt plezier in?
Waarom fouten maken helemaal niet leuk is
Fout!! Aaaah, afschuwelijk als je zoiets ziet.
Wat gebeurt er fysiek met jou als je dit bekende symbool ziet?
Denk aan adem, hartslag, spierspanning. Allemaal fysieke processen die invloed ondervinden van jouw ‘fouten’. Dus dat is het eerste: fouten maken geven een fysieke sensatie die door de meesten niet als prettig wordt ervaren. Niet Leuk.
De tweede reden dat je fouten als negatief kunt ervaren is dat je de fout zien in het licht van een vergelijking.
Je vergelijkt jezelf met een ander of met een eerdere prestatie van jezelf. En nu kom je slecht uit die vergelijking. Je kunt wel door de grond zakken, schaamte klopt aan je deur.
De derde reden om niet al te dol te zijn op het maken van fouten is om de gevolgen die het kan hebben: Iemand wil je nooit meer zien, het kost je veel tijd, geld of moeite om je fout te herstellen. Of misschien word je door je fout ontslagen, of raak je je huis kwijt. Allemaal duidelijk Niet Leuk, en dat is een understatement!
Om het nog verwarrender te maken is een succes op de ene plek, een gigantische fout op de andere. De grootste tegenstelling ervaar je tussen wat nu op je werkplek als acceptabel of zelfs uitmuntend wordt gezien en wat vroeger thuis als ‘goed’ werd gezien. In die veilige omgeving van thuis ontstaat je eerste besef van goed en kwaad (of fout).
Als er een (groot) verschil is met de cultuur op je werk kan dat onoverbrugbaar lijken.
De targets die je op je werk moet halen kunnen heel ‘fout’ voelen als je bent grootgebracht met het idee van eerlijk delen en solidariteit!
Andersom kun je het gevoel hebben op je werk steeds op je tenen te moeten lopen omdat je als ‘oncollegiaal’ wordt gezien als je zelfstandig een prachtig resultaat neerzet. Maar in het systeem van vroeger thuis, klopte dat juist precies! Daar werd je juist gewaardeerd als je had gewonnen, helemaal op eigen kracht!
Zo zie je dat het nogal een mijnenveld is, dat gebied van fouten maken.
"Van fouten kun je leren."
Ja, dank je de koekkoek. Wantrouw jij ook zo vaak deze uitspraak? Het is niet dat het niet waar is, maar kan ik degene die het zegt wel vertrouwen…? Leert hij of zij zelf ook van diens fouten?
”Je kunt toch ook leren van de dingen die je goed hebt gedaan?”
Tuurlijk!
Je kunt heel goed nagaan, als je iets goed hebt gedaan, welke factoren het tot een succes maakten. En die factoren kun je dan herhalen. En dan doe je het de volgende keer ongeveer net zo goed.
”Maar dan heb je toch niks nieuws geleerd?”
Jawel hoor. Je hebt geleerd welke factoren ervoor zorgen dat je iets tot een goed einde hebt gebracht. Je hebt geleerd hoe je een dergelijk succes keer op keer kunt herhalen. En dat is in veel gevallen hartstikke fijn en praktisch.
En misschien kun je die factoren ook wel een beetje gaan ’tweaken’, waardoor je resultaten net iedere keer iets beter worden.
Natuurlijk kan dat.
Klaar.
Ja maar wat als ik toch een fout maak?
Blijft er nu toch een knagend gevoel over?
Dat je nog steeds niet weet hoe je met een fout van jezelf moet omgaan?
Hoe kan ik er voor zorgen dat ik niet onzeker word van een fout die ik heb gemaakt? Zou ik het durven om fouten helemaal openlijk toe te geven, met alle risico’s van dien?
Hoe kan een fout dan werken als een ‘blessing in disguise’? En is er geen manier om die blessing dan vooraf alvast gegarandeerd te krijgen?
Het heel korte antwoord, je verwacht het niet: JA!
Er is een garantie te geven waarbij je fouten achteraf ‘altijd’ een blessing in disguise bleken te zijn.









